Menu Sluiten

De fabel van de ‘Stille Hand’

stille hand1

Zeiden ze vroeger tegen jou ook altijd: ‘houd je handen stil?’ Tegen mij wel. En dat deed ik, heel braaf.
Ik was er uiteindelijk heel goed in: als er een kampioenschap ‘Stille hand’ zou worden georganiseerd zou ik zeker met een lintje naar huis gaan.
Maar die ‘stille hand’, dat is een fabeltje.
Je kunt namelijk helemaal je hand niet stilhouden: je paard beweegt immers.
Omdat je paard beweegt, beweeg jij ook: je benen, je heupen, je handen en zelfs je hoofd zouden stabiel en toch flexibel moeten zijn en méé zijn in de beweging van je paard.

Geschreven door: Elke Wiss – Equus-Libris


Een ‘stille hand’ wordt vaak uitgelegd als een ‘starre hand’: de hand mag zogenaamd niet van zijn plaats. Terwijl een paard zijn hoofd moet kunnen bewegen om goed door zijn lijf te kunnen vloeien.
Met name in stap is dit heel goed zichtbaar.
Ruiters die hun handen echt stil houden en niet bewegen, hebben vaak een paard onder zich dat niet vloeiend door het lijf beweegt: de beweging ‘stokt’ als het ware halverwege het lijf.
Wat wordt er nu écht bedoeld met een ‘stille hand’?
Met een ‘stille hand’ wordt bedoeld: een hand die stil is ten opzichte van de paardenmond.
Het contact tussen paardenmond en ruiterhand blijft altijd gelijk, constant, en is zacht.
Dat wil dus zeggen: een hand die altijd meebeweegt, evenveel als dat het paardenhoofd beweegt.
Een stille hand is dus juist dynamisch!
In ons hoofd denken we snel dat ‘stille hand’ betekent: ‘stil ten opzichte van de grond’.
En als je je handen op die manier stil (en dus star) houdt, belemmer je de beweging van het paardenhoofd. Je paard stoot op die manier als het ware telkens tegen jouw hand aan, die jij netjes heel stil als een soort ‘muur’ hebt neergezet waar je paard tegenaan botst.
Het contact is dan natuurlijk niet constant, maar los-vast-los-vast.
Met name in de stap en galop kun je dit goed zien, het paardenhoofd beweegt dan het meest.
In draf beweegt het paardenhoofd het minst.
Voor de IJslanderruiters onder ons: ook in tölt wil het paardenhoofd graag bewegen, dus ook daar is een meeverende hand onmisbaar voor een soepele, taktzuivere tölt!

Waarom is een stille hand zo belangrijk?
We willen uiteindelijk graag dat het paard aanleuning zoekt: hij zoekt zelf verbinding met de hand van de ruiter. Deze zachte, elastische verbinding, geeft de ruiter informatie over de balans in het paardenlijf: de paardenmond is de spiegel van het paardenlichaam.
Door de mond van je paard voel je hoe het gesteld is met zijn horizontale en verticale balans.
Maar een paard dat geen vertrouwen heeft in de ruiterhand, zal deze dus ook niet opzoeken en geen aanleuning nemen.
Een paard dat per ongeluk steeds kleine rukjes in zijn mond krijgt omdat de ruiter zijn handen stil en star houdt, zal niet snel geneigd zijn deze ruiterhand te vertrouwen.
Daarom wil je een hand die meebeweegt: zodat je paard deze ruiterhand leert vertrouwen, aanleuning neemt en jij vervolgens leert voelen wat er in het paardenlijf gebeurt.

Als je dat voor elkaar hebt en je voelt door de mond van je paard wat er in zijn lijf gebeurt, dan kun je je paard gaan corrigeren richting een betere balans, soepelheid en meer kracht.
Maar daar heb je wel een communicatiemiddel voor nodig: de voelende ruiterhand.
Deze werkt uiteraard samen met je overige hulpen: intentie, zithulpen, beenhulpen en eventueel stemhulpen.

Hoe krijg je dan die stille hand?
Een goede stille hand (ik noem het liever ‘meebewegende hand’), die meegaat in de beweging van het paard, staat of valt met een goede, onafhankelijke zit: wanneer jij je handen/teugels nodig hebt om stabiel op je paard te blijven zitten, is er natuurlijk geen sprake van een stille hand of van een zachte, elastische verbinding met de paardenmond.
Als jij je evenwicht verliest en je daardoor per ongeluk je handen vast zet, belemmer je de beweging van je paard. Werk dus aan je onafhankelijke zit: lessen aan de longe zonder teugels zijn daar uitermate geschikt voor.

Verder is het vooral een mentale kwestie: laat het idee los dat je je hand stil moet houden.
Ik weet nog dat ik vanuit mijn ‘starre handen-gewoonte’ heel erg moest wennen aan het vloeiend meebewegen met mijn paard.
In het begin zul je het gevoel hebben dat je hand ontzettend veel beweegt en je hebt misschien het idee dat het niet goed is wat je doet.
Maar zolang de verbinding tussen jouw hand en de mond van je paard zacht, elastisch en constant aanvoelt (en niet los-vast-los-vast) ben je goed bezig!
Je paard zal je ook vertellen wanneer je het goed doet: als jij hem een fijn, zacht contact aan kunt bieden zul je merken dat je paard sneller ontspant, het hoofd laat zakken, zijn lange rugspier loslaat en vloeiender door zijn lijf beweegt.
Het vloeiend meebewegen is iets dat je moet laten gebeuren: je staat toe dat je handen worden bewogen door de beweging van je paard.
Zou je heel actief je handen van voren naar achteren bewegen, dan ga je al snel tegen het ritme in.

Het meebewegen gebeurt vanuit een losse schouder- en elleboog.
Deze gewrichten zetten we al snel vast als we geconcentreerd zijn en al helemaal als we onze handen graag ‘stil’ willen houden.
Maar laat je schouders en ellebogen los en je zult merken dat je hele lijf zachter is en je makkelijk kunt meeveren met je hand.

Wil jij ook leren hoe je, middels diverse technieken en oefeningen, een zachte, stille hand ontwikkelt die mee veert met de paardenmond?
Boek dan eens een proefles of een dagclinic ‘Houding en zit’, daarin komt dit onderwerp altijd uitgebreid aan de orde! Neem gerust contact op, ik help je graag.